Nederlandsche
ExLibris-Kring

Ontstaan en ontwikkeling

Een kring rond de exlibriskunst

De geschiedenis begint bij mensen die kleine grafiek verzamelden, bespraken en uitwisselden.

1932: een gezamenlijk initiatief

Johan Schwencke beschreef in 1936 hoe hij in 1929 Eugène Strens leerde kennen. In het voorjaar van 1932 kreeg hun plan voor een kring vorm. Een oprichtingstekst van 9 april werd op 26 april verspreid. De tentoonstelling van Strens' verzameling in De Bijenkorf in Den Haag, van 7 tot 14 mei 1932, was een vroege openbare activiteit.

Boekcier als verbinding

Volgens Schwenckes terugblik verscheen het eerste nummer op 1 september 1932. Hij beschreef de vroege kring als een vrije organisatie en meldde voor 1936 meer dan zeshonderd leden. Die momentopname zegt nog niet hoe de organisatie in iedere latere periode was ingericht.

Wat nog nader onderzocht wordt

Voor een doorlopende geschiedenis zijn ook latere ledenlijsten, circulaires, bestuursstukken en correspondentie nodig. Gedrukte namen en functievermeldingen kunnen helpen om veranderingen te dateren. Een latere ondertitel met het woord ‘Stichting’ mag niet zonder meer op de beginjaren worden toegepast.

Dit project zoekt daarom documenten met een concrete datum en herkomst. Een onbekende afzender of onvolledige lijst is geen bezwaar; vermeld gerust wat u wel en niet weet.

Welke kring staat er op het papier?

Neem de gedrukte naam letterlijk over. Materiaal van andere exlibriskringen, congressen of verzamelaars is niet automatisch een uitgave van de Nederlandsche ExLibris-Kring. Een foto van titel, colofon en envelop helpt het onderscheid te maken.